Mariët Dorenbos (links) en Hinke Marijke Jellema vertellen met enthousiasme en veel plezier over hun werkzaamheden voor de kindernevendienst. Het belangrijkste is ‘hoe breng je de inhoud van het Bijbelverhaal van die zondagochtend over op de kinderen’.

Dat kan op verschillende  manieren bijvoorbeeld door een spiegelverhaal te vertellen, een verhaal dat dezelfde strekking heeft als het Bijbelverhaal, toegespitst op de beleving van de kinderen. Mariët vertelt: “Voor mij is de toegevoegde waarde dat je je verdiept in het verhaal en wat je wilt overbrengen. Ik lees het verhaal vaak in het begin van de week en tussendoor, bij het fietsen of tandenpoetsen, ontwikkelt het zich.”

Afhankelijk van de jongste groep (4-7 jaar) of de oudste gr

oep (8-12 jaar) is het voorbereidde verhaal anders. Met de oudsten wordt er bijvoorbeeld een spel gedaan of gediscussieerd, terwijl de jongsten knutselen of kleuren. Hinke Marijke, die vaak de jongste groep heeft, zegt “de meerwaarde is er door het gesprek met de kinderen. Soms gaat het over heel andere onderwerpen, grote onderwerpen zoals vertrouwen, geloven. En een kind kan ook midden in een verhaal ineens zeggen  ‘mijn kat is dood’ en daar is dan ook aandacht voor.” Naast het verhaal wordt er samen gebeden, muziek gemaakt, aan verwerking van het verhaal gewerkt en wordt de voorbede opgeschreven.

De groep van de kindernevendienst bestaat uit elf personen. Hanneke Ham maakt elk half jaar de roosters. Elke zondag staan er twee personen ingeroosterd zodat er twee groepen gemaakt kunnen worden. In de zomerperiode is 1 persoon meestal voldoende. Evi en Tirza zijn de jongste leden en komen allebei uit de catechesegroep. Zij draaien samen een groep en ”dan zien de kinderen ons niet meer staan ” vertelt Hinke Marijke lachend.

De leidraad is het tijdschrift ’Kind op Zondag’ dat ongeveer 6 x per jaar uitkomt met een nieuw thema en dat het leesrooster volgt. Voorafgaand aan het nieuwe thema, wordt op een vergadering een uitwerking van het thema voor de komende periode gepresenteerd door een groepje leden van de kindernevendienst. Zij bedenken bijvoorbeeld het verbeelden van het thema zoals de vlieger in de kerk die als symbool is neergehangen voor het thema “Windkracht”. Inge Hoek licht op zo’n vergadering het thema theologisch toe, wat leidt tot meer diepgang. Afhankelijk van het thema kan de voorganger gevraagd worden om deel te nemen, zoals Hester die als weervrouw optrad met haar parasol.
Mariët geeft aan:” Kinderen zijn altijd spontaan en zeuren niet. Maar wij proberen het natuurlijk ook gezellig te maken. Als een kind even niet mee wil doen, dan laat je het gaan. Dan kun je later zeggen dat het iets anders goed heeft gedaan.” Hinke Marijke vult aan: “ Soms moet je je eigen programma loslaten. Maar het is heel leuk om te doen.”
Een leuk aspect is dat hoewel de groepen gescheiden zijn, de kinderen elkaar allemaal kennen. Dat gaat vanzelf. En na afloop van de dienst nog  even stoeien op zolder met de pubers erbij als de ouders gaan koffiedrinken.